Je resultaten staan nu overzichtelijk op papier. De volgende stap is om ze in context te plaatsen: hoe verhouden jouw bevindingen zich tot wat eerder onderzoek heeft laten zien?
Dit onderdeel laat zien dat je niet alleen data hebt verzameld, maar ook begrijpt hoe jouw werk aansluit bij bestaande kennis. Daarmee bewijs je de wetenschappelijke en praktische waarde van je onderzoek.
Stap 1: Kies de belangrijkste thema’s of deelvragen
Werk vanuit de structuur die je al in je resultaten gebruikte. Dat kan zijn: per deelvraag of per thema.
Stap 2: Vergelijk jouw resultaten met eerdere studies
Stel jezelf bij elk thema de volgende vragen:
- Komen mijn resultaten overeen met eerdere bevindingen?
- Zijn er verschillen of tegenstrijdigheden?
- Wat zou een verklaring kunnen zijn voor die verschillen (andere doelgroep, andere methode, andere context)?
Let op!
Ga niet alleen herhalen wat er in de literatuur staat, maar benadruk ook wat jouw resultaten daaraan toevoegen of waarin ze afwijken.
Ga niet alleen herhalen wat er in de literatuur staat, maar benadruk ook wat jouw resultaten daaraan toevoegen of waarin ze afwijken.
Stap 3: Benoem hiaten in de literatuur
Soms ontdek je dingen waar weinig tot geen literatuur over bestaat. Dat maakt jouw onderzoek extra relevant.
5.2.1
Beantwoord de volgende vragen om jouw resultaten met eerdere studies te vergelijken.
- Wat zijn jouw belangrijkste resultaten?
- Welke overeenkomsten zie je in eerdere studies?
- Welke verschillen zie je in eerdere studies?
- Wat zijn mogelijke verklaringen voor deze verschillen?
- Zijn er hiaten in eerdere studies die jouw onderzoek bevestigen of aanvullen?
Voorbeeld
- Wat zijn jouw belangrijkste resultaten?
Studenten ervaren gemiddeld 15% minder stress door gebruik van de app.
- Welke overeenkomsten zie je in eerdere studies?
Smith & Lee (2021) vonden ook een positief effect van planningsapps op stressvermindering.
- Welke verschillen zie je in eerdere studies?
Van Dijk & Peters (2020) zagen alleen effect bij dagelijks gebruik, terwijl mijn studenten ook effect ervaarden bij 2–3 keer per week.
- Wat zijn mogelijke verklaringen voor deze verschillen?
Mijn onderzoeksgroep bestond vooral uit ouderejaars, die al beter gewend waren aan studeren en dus minder intensief gebruik nodig hadden.
- Zijn er hiaten in eerdere studies die jouw onderzoek bevestigen of aanvullen?
Er is nog weinig bekend over de duurzaamheid van het effect. Zowel mijn onderzoek als de literatuur signaleren dat dit onderbelicht is.
Checklist: Vergelijking met literatuur
Heb ik mijn resultaten per deelvraag of thema vergeleken met eerdere studies?
Heb ik zowel overeenkomsten als verschillen benoemd?
Heb ik mogelijke verklaringen gezocht voor tegenstrijdige bevindingen?
Heb ik hiaten of nieuwe inzichten uit mijn onderzoek benoemd?
Heb ik APA-verwijzingen toegevoegd bij elke vergelijking?
De volgende stap is om uit te leggen wat deze resultaten betekenen: waarom zijn ze zo uitgekomen, hoe verhouden ze zich tot de theorie en welke verklaringen zijn mogelijk?